Member State report / Art9-2024 / 2024 / D1-B / Belgium / NE Atlantic: Greater North Sea

Report type Member State report to Commission
MSFD Article Art9
Report due 2024-10-15
GES Descriptor D1 Birds
Member State Belgium
Region/subregion NE Atlantic: Greater North Sea
Report date 2026-01-13 14:08:15

GES component
D1C1
D1C1
D1C1
D1C2
D1C2
D1C2
D1C3
D1C3
D1C3
D1C3
D1C4
D1C5
Marine reporting units
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
  • ANS-BE-MS-1
Features
  • Coastal fish
  • Demersal shelf fish
  • Pelagic shelf fish
  • PresEnvBycatch
  • Benthic-feeding birds
  • Grazing birds
  • Pelagic-feeding birds
  • PresEnvBycatch
  • Surface-feeding birds
  • Wading birds
  • PresEnvBycatch
  • Seals
  • Small toothed cetaceans
  • Benthic-feeding birds
  • Grazing birds
  • Pelagic-feeding birds
  • Species
  • Surface-feeding birds
  • Wading birds
  • Coastal fish
  • Demersal shelf fish
  • Pelagic shelf fish
  • Seals
  • Small toothed cetaceans
  • Benthic-feeding birds
  • Grazing birds
  • Pelagic-feeding birds
  • Surface-feeding birds
  • Wading birds
  • Coastal/shelf cephalopods
  • Coastal fish
  • Demersal shelf fish
  • Pelagic shelf fish
  • Seals
  • Small toothed cetaceans
  • Benthic-feeding birds
  • Grazing birds
  • Pelagic-feeding birds
  • Surface-feeding birds
  • Wading birds
  • Benthic-feeding birds
  • Grazing birds
  • Pelagic-feeding birds
  • Surface-feeding birds
  • Wading birds
GES description
De vissterfte als gevolg van incidentele bijvangst is lager dan het niveau waarop de soort bedreigd wordt, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn gewaarborgd is.
De sterfte onder vogels als gevolg van incidentele bijvangst is lager dan het niveau waarop de soort bedreigd wordt, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn gewaarborgd is.
- De sterfte onder zeezoogdieren als gevolg van incidentele bijvangst is lager dan het niveau waarop de soort wordt bedreigd, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn wordt gegarandeerd. - Het sterftecijfer van bruinvissen als gevolg van incidentele bijvangst is lager dan het niveau waarop de soort wordt bedreigd, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn wordt gegarandeerd. - De streefwaarden voor bijvangst (bruinvis, grijze zeehond... ) die binnen OSPAR zijn ontwikkeld, worden overgenomen.
- De populatiedichtheid van vogels wordt niet aangetast door antropogene stress, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn wordt gegarandeerd. - De gemiddelde dichtheid per soort op zee over een periode van zes jaar is niet kleiner dan de langetermijn-gemiddelde populatiegrootte gedurende zes opeenvolgende jaren voor ten minste de helft van de zeevogelpopulaties. - Veranderingen in de dichtheden van broedende zeevogels en waadvogels blijven voor 75% van de gecontroleerde soorten binnen de doellimieten (OSPAR Ecological Quality Objective).
- De populatiedichtheid van vissen wordt niet aangetast door antropogene stress, waardoor de levensvatbaarheid van de soort op de lange termijn wordt gegarandeerd. - Er is een positieve trend in het aantal kwetsbare soorten waarvan de aantallen zich op de lange termijn herstellen.
De populatiedichtheid van zeezoogdieren wordt niet aangetast door antropogene stress, waardoor de levensvatbaarheid van de soorten op de lange termijn wordt gegarandeerd.
- Demografische kenmerken van populaties (bijv. lichaamsgrootte of leeftijdsstructuur, geslachtsratio, vruchtbaarheids- en overlevingscijfers) van vogels wijzen op gezonde populaties die niet worden geschaad door antropogene stress. - 75% van de zeevogelsoorten in een functionele groep heeft een voldoende hoog broedsucces om achteruitgang op lange termijn te voorkomen.
Populatiedemografische karakteristieken (bijv. lichaamsgrootte of leeftijdsstructuur, geslachtsratio, vruchtbaarheid en overlevingskansen) van koppotigen wijzen op gezonde populaties die niet geschaad worden door antropogene stress.
Demografische kenmerken van de populatie (bijv. lichaamsgrootte of leeftijdsstructuur, geslachtsratio, vruchtbaarheid en overlevingskansen) van vissen wijzen op gezonde populaties die geen schade ondervinden van antropogene stress.
Populatiedemografische karakteristieken (bijv. lichaamsgrootte of leeftijdsstructuur, geslachtsratio, vruchtbaarheids- en overlevingscijfers) van zeezoogdieren wijzen op gezonde populaties die niet geschaad worden door antropogene stress.
The distribution area and, if applicable, the distribution pattern of the species is in accordance with the prevailing physiographic, geographical and climatic conditions.
The size and condition of the habitat of the species are suitable to support the different phases of the species life cycle.
Determination date
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
202502
Update type
DeterminationSame
DeterminationSame
DeterminationModified
DeterminationModified
DeterminationModified
DeterminationSame
DeterminationModified
DeterminationNew
DeterminationSame
DeterminationSame
DeterminationSame
DeterminationSame
Justification for non-use of criterion
Justification for delay in setting EU/regional requirements
Sterfte door bijvangst van zeevogels in Belgische wateren en/of door Belgische visserijen in België wordt niet onmiddellijk als een prioritair probleem beschouwd. Voor de vistechnieken die in het BNZ en door de Belgische vissersvloot worden gebruikt, wordt aangenomen dat bijvangst van zeevogels (quasi) onbestaande is. Bijgevolg is hiervoor geen evaluatie en monitoring voorzien.
Sterfte door bijvangst van zeezoogdieren in Belgische wateren en/of door de Belgische visserij in België wordt niet onmiddellijk als een prioritair probleem beschouwd. Voor de vistechnieken die in de BNZ en door de Belgische vissersvloot worden gebruikt, wordt de bijvangst van zeezoogdieren als (quasi) onbestaand beschouwd. Bijgevolg worden hiervoor geen evaluatie en monitoring voorzien.